Camping heeft twee betekenissen: 1. het kamperen; 2. kampeerterrein; Kamperen is o.a. op een plezierreis ergens een tijdelijk verblijf (in tenten, kampeerwagens of onder de blote hemel) opslaan en daarin vertoeven. Kampeerterrein is het terrein waarop gekampeerd wordt of, bepaaldelijk, dat daartoe aangewezen is.